Parsjat Emor in een Notendop

De naam van de parasja “Emor” betekent “spreek” en is te vinden in Leviticus 21:1.
Het Toragedeelte van Emor (“Spreek”) begint met de speciale wetten die betrekking hebben op de kohaniem (“priesters”), de kohen gadol (“hogepriester”), en de Tempeldienst: Een kohen mag niet ritueel onrein worden door contact met een dood lichaam, behalve bij de dood van een naast familielid. Een kohen mag niet trouwen met een gescheiden vrouw, of met een vrouw met een promiscue verleden; een kohen gadol mag alleen met een maagd trouwen. Een kohen met een lichamelijke misvorming mag niet dienen in de Heilige Tempel, noch mag een misvormd dier als offer gebracht worden.
Een pasgeboren kalf, lam of geit moet zeven dagen bij zijn moeder blijven voordat het in aanmerking komt voor een offer; men mag een dier en zijn nakomelingen niet op dezelfde dag slachten.
Het tweede deel van Emor somt de jaarlijkse Oproepingen van Heiligheid op – de feesten van de Joodse kalender: de wekelijkse Sjabbat; het brengen van het Pesach-offer op 14 Nissan; het zeven dagen durende Pesach-feest dat begint op 15 Nissan; het brengen van het Omer-offer van de eerste gersteoogst op de tweede dag van Pesach, en het begin, op die dag, van het 49 dagen durende tellen van de Omer, culminerend in het feest van Sjavoeot op de vijftigste dag; een “gedenkdag van het sjofar blazen” op 1 Tisjrei; een plechtige vastendag op 10 Tisjrei; het Soekkotfeest – waarbij wij zeven dagen in hutten moeten wonen en de “Vier Soorten” moeten nemen – dat begint op 15 Tisjrei; en de onmiddellijk daarop volgende feestdag van de “achtste dag” van Soekkot (Sjemini Atzeret).
Vervolgens bespreekt de Tora het aansteken van de menora in de Tempel, en het toonbrood; (lechem hapanim) dat wekelijks op de tafel daar wordt geplaatst.
Emor besluit met het incident van een man die terechtgesteld werd wegens godslastering, en de straffen voor moord (dood) en voor het verwonden van een medemens of het vernielen van zijn eigendom (geldelijke compensatie).
Vrij vertaald van chabad.org.
