Een bezoek aan Nineve

Nineve is geen joodse stad, maar de meeste joodse kinderen hebben van deze stad gehoord. In het boek van de profeet Jona, wat wij tijdens de middagdienst van Jom Kippoer lezen, is Nineve het middelpunt van onze belangstelling. Het verhaal van Jona is jullie wel bekend en wij zullen hier niet verder over uitweiden. Het belang van dit verhaal is “tesjoeva” (berouw), en die boodschap komt op het juiste moment op de Dag van Boetedoening.

Door de profeten Jona, Nachoem en Tsefanja wordt melding gemaakt van de stad Nineve. Ongeveer 150 jaar geleden moesten wetenschappers het antwoord op de vraag of zij wisten waar Nineve lag en of je die stad vandaag ook kan bereiken, schuldig blijven. Vandaag de dag hebben wij meer geluk. Want de afgelopen 150 jaar hebben archeologen veel van deze eens zo prachtige en machtige hoofdstad van het Assyrische keizerrijk opgegraven. Aan de andere zijde van de rivier de Tigris tegenover Mosul liggen de ruines van de eens zo trotse stad Nineve.

Nineve was een van de eerste steden die ooit gebouwd zijn. Tenach leert ons dat deze door koning Nimrod ook Asjoer genoemd, de vader van het Assyrische volk, gebouwd was. Dit was in de tijd van Avraham. De stad moet gestaag gegroeid zijn en is uiteindelijk zo’n drieduizend jaar geleden de hoofdstad van het Assyrische keizerrijk geworden. Opvolgende Assyrische koningen hebben de stad vergroot en mooier gemaakt. Sargon bouwde een stevige muur om Nineve, waarbij hij meteen drie andere steden samenvoegde. Dit is de stad die de profeet Jona beschrijft als de stad van “drie dagreizen”.

Onder Koning Sancheriv werd de stad verder vergroot en mooier gemaakt. Hij bouwde er grote paleizen. Een van de paleizen die hij liet bouwen en die slechts gedeeltelijk opgegraven is, had maar liefst eenenzeventig grote en prachtig gedecoreerde kamers. Sancheriv liet ook arsenalen voor militaire doeleinden aanleggen en verstevigde de wachthuizen die de lange muren moesten bewaken. Ook liet hij een aquaduct aanleggen dat er voor zorgde dat de hele stad van water voorzien werd via achttien verschillende kanalen vanuit de heuvels. In het midden van de stad liet Sancheriv het “Paradijs” aanleggen; een gigantisch park waarin bomen, planten en bloemen vanuit de hele toen bekende wereld groeiden. Rond deze “botanische tuinen” mocht niemand huizen of werkplaatsen bouwen.

Asjoerbaniepal streed met Sancheriv om van Nineve de mooiste stad van het Oosten te maken. Zijn belangrijkste bouwwerk is de grootste bibliotheek van de Oudheid, die zo’n vijftig jaar geleden werd opgegraven en waarin tienduizenden kleitabletten aangetroffen zijn die de hele Babylonische en de meeste literatuur van de wereld bevatten. De uitstekende staat waarin de bibliotheek zich bevond is verbazingwekkend.

Het is niet moeilijk te begrijpen dat de profeet Jona weigerde deze elegante wereldstad in te gaan om de mensen te vertellen dat zij tesjoeva moesten doen omdat zij anders vernietigd zouden worden.

In de tijd van Jona was Nineve een centrum van zedeloosheid. Het is niet moeilijk te begrijpen dat de profeet Jona weigerde deze elegante wereldstad in te gaan om de mensen te vertellen dat zij tesjoeva moesten doen omdat zij anders vernietigd zouden worden. En jullie zullen nog beter kunnen begrijpen hoe verrast deze profeet was dat zijn woorden indruk maakten op de trotse inwoners van deze Assyrische metropool. Want alle inwoners van Nineve, van koning tot slaaf, veranderden hun gewoonten en keerden terug naar de weg van de Eeuwige. Zij liepen in zakken en met as op hun hoofden rond en hadden veel spijt van hun oude gewoonten. Een dergelijke gebeurtenis is in de geschiedenis nooit meer vertoond.

Maar de korte periode van berouw in de dagen van Jona duurde niet lang. Al gauw keerde Nineve terug naar zijn slechte gewoonten.

Zo werd het einde van Nineve onontkoombaar. Nachoem en Tsefanja voorspelden: “Het lot van Nineve, de stad van bloed. Zij is vol leugens en berovingen; zij ligt altijd op de loer… O, koning van Assyrië, u bent niet meer te genezen, u heeft een dodelijke wond; iedereen zal zich over uw dood verheugen want wie heeft niet onder uw slechtheid geleden!”

Ongeveer in het jaar 612 voor de gebruikelijke jaartelling werd de stad door de Babyloniërs en de Meduzen belegerd en totaal verwoest om nooit meer bewoond te worden. Het machtige Assyrische rijk dat het noordelijke koninkrijk van Israël verwoest had, kreeg haar straf. Nineve werd van de aardbodem weggevaagd en de overblijfselen kunnen ons dienen als een voorbeeld voor wat er gebeurt met trotsen en machtigen.

(Bron: Talks and Tales)