De vier vastendagen

In onze Loeach (kalender) zijn vier vastendagen verbonden met de verwoesting van het Beet Hamikdasj, de Tempel in Jeroesjalajim. Dit is een van de verdrietigste en meest tragische gebeurtenissen die ons volk zijn overkomen. Elk van deze vastendagen herinnert ons aan een schakel in deze tragedie.
De tiende Teweet
Is de dag dat de vijand de heilige stad Jeruzalem belegerde. De vijand verhinderde tweeënhalf jaar lang dat er water of voedsel de stad in kwam. De verhongerende Joden konden zich niet langer verdedigen. De volgende klap kwam op…
De zeventiende Tammoez
… de dag dat de vijand een bres in de muur van de stad sloeg en Jeruzalem innam. Drie weken lang vermoordden en plunderden zij de inwoners van de stad, terwijl zij tegelijkertijd ook het Beet Hamikdasj belegerden, waar de laatste Joodse verdedigers zich wanhopig ophielden. Toen kwam…
De negende Av
…toen de vijand het Beet Hamikdasj in brand stak en vernietigde.
De Vastendag van Gedalja
is op de derde dag van Tisjrie (de dag na Rosj Hasjana). Op die dag werd Gedalja, de Joodse bewindvoerder van het restant van het Joodse volk in het Heilige Land, vermoord. Dit bracht nog meer ellende over de toch al aangeslagen mensen. (Een andere mening is dat Gedalja op Rosj Hasjana vermoord werd en dat het vasten werd verschoven naar de derde Tisjrie vanwege Rosj Hasjana.)
Dit alles geschiedde omdat het Joodse volk geen acht had geslagen op de waarschuwingen van onze Profeten en zich van Tora en Mitswot hadden afgekeerd. Wij vasten en bidden op deze dagen, opdat G’d ons genadig moge zijn en ons de Verlosser, de Masjiach zendt, die ons uit de ballingschap zal verlossen. Dan zal het Beet Hamikdasj opnieuw herbouwd worden en zal geen enkele natie ooit meer problemen voor ons veroorzaken. Iedereen zal G’d’s Koninkrijk op aarde erkennen.
